Reumanetwerk

Het Regionaal Reumanetwerk Nijmegen e.o. is ontstaan na samenvoeging van specifieke zorgnetwerken binnen de reumatologie; FibroZorgnet, Artrosezorgnet en Artritiszorgnet. Op deze pagina leest u meer informatie over:

  1. Het netwerk
  2. De zorgverleners die aangesloten bij het Regionaal Reumanetwerk Nijmegen e.o.
  3. Fibromyalgie
  4. Artrose
  5. Artritis

 

1. Regionaal Reumanetwerk Nijmegen e.o.

Het netwerk in een samenwerkingsverband van fysio- en oefentherapeuten met specifieke deskundigheid in de behandeling van mensen met een reumatische aandoeningen, in het bijzonder fibromyalgie, artrose en inflammatoire reumatische aandoeningen.
Het netwerk heeft als doel de kwaliteit, zichtbaarheid en bereikbaarheid voor de specifiek deskundigheid van de fysio- en oefentherapeuten in de reumatologie in de regio Nijmegen te borgen en te verbeteren.

 

2. De zorgverleners die aangesloten bij het Regionaal Reumanetwerk Nijmegen e.o.

Aangesloten fysio- en oefentherapeuten bij Regionaal Reumanetwerk Nijmegen e.o.

Contact met regionaal reumanetwerk Nijmegen e.o.: Stuur uw mail naar reumanetwerk@cfnijmegen.nl

 

3. Fibromyalgie

Patiënt

Fibromyalgie is een aandoening:

  • waarbij de klachten slechts voor een deel verklaard kunnen worden,
  • die bij patiënten al veel langer bestaat op het moment dat zij daar hulp voor zoeken,
  • die meestal niet vanzelf overgaat en gepaard gaat met pijn in het hele lichaam.

Bij medisch onderzoek wordt geen beschadiging van weefsels in het lichaam gevonden. De diagnose wordt gesteld op grond van het verhaal van de patiënt en de bevindingen bij het lichamelijk onderzoek.

Oorzaak

Er zijn vele theorieën over de oorzaak van fibromyalgie. Tegenwoordig wordt aangenomen dat er niet één oorzaak voor de klachten kan is, maar dat de klachten het gevolg zijn van een complexe wisselwerking van biologische (lichamelijke), psychologische en omgevingsfactoren. Deze factoren kunnen ieder op zich een rol spelen bij het ontstaan van de klachten. Het is ook mogelijk dat de klachten ontstaan door een combinatie van deze factoren.  Daarnaast kunnen deze factoren de klachten versterken of ertoe leiden dat de klachten niet meer overgaan.

Lichamelijke factoren

Lichamelijke factoren die op dit moment worden onderzocht door wetenschappers, zijn

  • een gestoord slaappatroon,
  • verstoringen in het autonome zenuwstelsel (hartkloppingen, transpireren, flauwvallen),
  • afwijkende spiegels van serotonine, groeihormoon, substance-P en cortisol,
  • stoornissen in de verwerking en gewaarwording van pijn in het zenuwstelsel.

Psychologische factoren

Psychologische factoren als depressie en angst komen bij 30% van de mensen met fibromyalgie voor. Psychotraumatische ervaringen op jonge leeftijd en later in het leven en lichamelijke trauma’s lijken risicovolle factoren te zijn, die het optreden van klachten kunnen opwekken.

Symptomen

Mensen met fibromyalgie hebben naast pijn in het hele lichaam ook andere klachten. Juist het vóórkomen van andere lichamelijke klachten naast de pijn is kenmerkend voor fibromyalgie. Veel voorkomende klachten zijn:

  • vermoeidheid
  • een niet verkwikkende slaap
  • hoofdpijn
  • duizeligheid
  • concentratie- en inprentingstoornissen
  • vergeetachtigheid (zogenaamde hoofd vol watten)
  • stemmingswisselingen
  • tintelend gevoel
  • onhandigheid
  • overgevoeligheid voor kou
  • een prikkelbare darm

Daarnaast kunnen er nog meer lichamelijke klachten zijn. Omdat niet iedereen dezelfde klachten heeft, zijn er nog geen twee mensen met dezelfde fibromyalgie.

Diagnose

Bij het eerste bezoek van de patiënt aan de arts, is opvallend dat de klachten vaak heftig zijn en grote invloed hebben op het dagelijks leven van de patiënt. Toch wordt er bij medisch onderzoek geen beschadiging van weefsels in het lichaam gevonden.

Vaak ondergaan mensen met fibromyalgie veel uitgebreide onderzoeken om uit te sluiten dat er een andere ziekte is die de klachten veroorzaakt. Veelal wordt er bij deze onderzoeken uiteindelijk ‘niets’ gevonden.

De laatste jaren is er een duidelijke kentering zichtbaar. Artsen in Nederland zijn goed in staat om de diagnose fibromyalgie te stellen. Daardoor hoeven ze patiënten niet meer bloot te stellen aan onnodige onderzoeken.

Behandeling

Bij mensen met fibromyalgie is het belangrijk om naast de lichamelijke problemen ook aandacht te geven aan mogelijke sociale of psychische problemen. Als er al lang lichamelijke problemen zijn, kunnen deze ook andere problemen veroorzaken, zoals psychische klachten of problemen in relaties thuis of op het werk. Andersom kunnen psychische en sociale problemen de lichamelijke klachten veroorzaken of verergeren.

Patiënt als regisseur

Vaak blijven patiënten ondanks alle genomen maatregelen klachten houden. Daarom kan de behandeling nooit alleen bestaan uit pijnstilling. Een goede behandeling is gericht op

  • het onderhouden van de mobiliteit,
  • het leren vermijden van overbelasting,
  • het stapsgewijs verbeteren van de conditie en het activiteitenniveau en
  • het aanleren van vaardigheden om problemen op te lossen.

Op deze manier kan de patiënt de regisseur van zijn eigen leven zijn en zelf werken aan het herstel van zijn functioneren en de levenskwaliteit.

Behandelmogelijkheden

De behandeling van fibromyalgie kan bestaan uit:

  • oefentherapie
  • cognitieve gedragstherapie
  • combinatie van oefentherapie en cognitieve gedragstherapie
  • medicijnen

Oefentherapie

Voor mensen met fibromyalgie is het belangrijk dat zij zich leren ontspannen en dat zij oefeningen leren om de energie op een efficiënte manier te gebruiken. Dit kan door een oefenprogramma te volgen waarbij gewerkt wordt aan het verbeteren van de lichamelijke conditie.

Mensen met pijnlijke spieren kunnen ook naar de fysiotherapeut voor een massage. Dat kan prettig zijn, maar bij mensen met fibromyalgie houdt het gunstige effect vaak maar kort aan of is massage zelfs pijnlijk.

Cognitieve gedragstherapie

Uit onder andere wetenschappelijk onderzoek is duidelijk geworden dat mensen met fibromyalgie baat hebben bij cognitieve gedragstherapie. Bij cognitieve gedragstherapie wordt informatie en uitleg gegeven over de factoren die de pijn in gunstige en ongunstige zin kunnen beïnvloeden.

Daarnaast worden methoden aangereikt waarmee mensen deze factoren bij henzelf kunnen herkennen en zo nodig kunnen veranderen.

Oefen- en gedragstherapie

De behandelingen in gespecialiseerde centra bestaan meestal uit een combinatie van intensieve oefentherapie en cognitieve gedragstherapie. Deze behandelingen worden meestal in groepsverband gegeven.

Het accent van deze behandelingen ligt op het leren omgaan met de klachten, balans tussen inspanning en ontspanning, communiceren met omgeving, opbouw van activiteiten, maken van een toekomstplan.

Medicijnen

Mensen met fibromyalgie hebben over het algemeen weinig baat bij pijnstillers. Sommige mensen ondervinden enige verlichting van paracetamol en Tramadol. Tramadol wordt door een deel van de patiënten matig verdragen. Steeds vaker worden op proef medicijnen tegen depressiviteit of epilepsie voorgeschreven. Uit onderzoek is gebleken dat de pijn als gevolg van deze medicijnen kan afnemen, waardoor zij beter kunnen mensen beter functioneren.

Het duurt meestal een aantal weken tot zelfs enkele maanden voordat het gunstige effect van deze medicijnen duidelijk wordt. In het begin moeten veel gebruikers aan deze medicijnen wennen, wat natuurlijk niet prettig is, maar veel van de bijwerkingen als bijvoorbeeld sufheid en traagheid verdwijnen vanzelf. Bij mensen met slaapproblemen of mensen die zich snel uitgeput voelen kunnen deze medicijnen ook een gunstig effect hebben.

Veel voorgeschreven medicijnen zijn Amitriptyline (Tryptizol), Duloxetine (Cymbalta) en Pregabaline (Lyrica).

Patiëntenvereniging

De vereniging stelt zich ten doel de belangen te behartigen van eenieder die direct of indirect met fibromyalgie te maken heeft.

Deze doelstelling is uitgewerkt in een zestal speerpunten, dit zijn:

  1. Het bevorderen van lotgenotencontact.
  2. Het geven van voorlichting aan patiënten.
  3. Het geven van voorlichting aan de beroepsgroep.
  4. Het geven van meer landelijke bekendheid aan de aandoening (P.R.).
  5. Het bevorderen van medisch onderzoek.
  6. Het zich op de hoogte houden van ontwikkelingen op medisch en juridisch gebied.

Al deze activiteiten zijn erop gericht om de positie van de mensen met fibromyalgie te verbeteren, hetzij door hen een handvat te bieden om zodoende beter om te leren gaan met fibromyalgie, hetzij om hen te steunen in het verkrijgen van een betere positie in de maatschappij.

Voor meer informatie over de vereniging verwijzen we u door naar de website.

 

4. Artrose

Patiënt

Artrose is een veelvoorkomende aandoening van de gewrichten. Artrose komt vaak voor in het knie- of heupgewricht, maar kan ook in bijna elk ander gewricht voorkomen. De term ‘slijtage’ wordt ook wel eens gebruikt, maar is niet helemaal juist.

De kwaliteit van het kraakbeen gaat langzaam achteruit. Kraakbeen is het laagje dat onze botten in een gewricht bekleedt. Hierdoor zijn de botoppervlakken glad en kan het gewricht soepel bewegen. Bij artrose wordt de kraakbeenbekleding dunner en ruw. Maar er is meer aan de hand. Het bot rondom het gewricht verandert, het wordt breder en er kunnen knobbels ontstaan. Tot slot kan het weefsel rondom het gewricht (het gewrichtskapsel) ontstoken raken.

Sommige mensen hebben last van één gewricht. Maar er zijn ook mensen die artrose hebben in meerdere gewrichten tegelijk. Dit wordt poly-artrose of gegeneraliseerde artrose genoemd.

Oorzaak

Over het ontstaan van artrose bestaat nog veel onduidelijkheid. Wel is bekend dat het ontstaan van artrose een combinatie is van meerdere factoren. De volgende factoren vergroten de kans op artrose:

  • Hogere leeftijd. De kans op artrose neemt toe met de leeftijd.
  • Vrouwelijk geslacht. Artrose komt twee keer zo vaak voor bij vrouwen als bij mannen.
  • Mensen met overgewicht hebben een grotere kans op artrose.
  • Regelmatige overbelasting. Mensen met regelmatige overbelasting (zoals topsporters, bouwvakkers) hebben een grotere kans op artrose.
  • In sommige families wordt artrose doorgeven aan de volgende generatie.
  • De kans op artrose is groter bij mensen met gewrichtsproblemen, zoals mensen met een abnormale stand van het gewricht of mensen met gewrichtsaandoeningen.
  • Wanneer een gewricht schade ondervindt door een ongeluk, blessure of ziekte, is de kans groter dat er artrose ontstaat in dit gewricht.

Symptomen

De meest voorkomende klachten bij artrose zijn pijn en stijfheid in het gewricht. De klachten zijn het ergst na een periode van rust en worden meestal minder na een periode van beweging. De klachten kunnen in elk gewricht met artrose voorkomen.

Pijn

Pijn is een klacht die vooral bij het bewegen en het (over)belasten van het gewricht optreedt. Veel mensen met artrose hebben ’s morgens klachten. Deze pijn, die ontstaat wanneer men gaat bewegen, wordt startpijn genoemd. De meeste mensen met artrose hebben variërende pijnklachten. Zo zijn er vaak periodes met weinig pijn én periodes waarin de pijn tijdelijk sterk toeneemt.

Stijfheid

Wanneer u na een tijdje rust gaat bewegen, voelen de gewrichten stijf aan. Dit wordt ook wel startstijfheid genoemd. ’s Ochtends spreekt men van ochtendstijfheid.

Krakend geluid

Een ander verschijnsel bij artrose is het krakende en schurende geluid dat gewrichten maken tijdens een beweging. Dit geluid heeft verder niks te maken met de ernst van de beschadiging van het gewricht

Vermindering van beweeglijkheid

De vermindering van de beweeglijkheid van het gewricht heeft te maken met de veranderingen die in en rond het gewricht plaatsvinden.

Vermoeidheid

Veel mensen met artrose hebben last van vermoeidheid, zonder dat daar een duidelijke oorzaak voor aan te wijzen is. Vermoeidheid kan ook ontstaan door een slechte nachtrust.

Verandering van vorm

Door artrose verandert het bot na verloop van tijd van vorm. De kwaliteit van het kraakbeen in het gewricht gaat achteruit, waardoor het bot meer kracht moet opvangen. Op deze manier kunnen verdikkingen van het bot ontstaan.

Diagnose

Voor het stellen van de diagnose artrose heeft uw arts meestal genoeg aan uw verhaal over uw klachten en een lichamelijk onderzoek. Soms wordt er aanvullend een röntgenfoto gemaakt.
Afhankelijk van uw klachten kunnen er aanvullende onderzoeken, zoals bloedonderzoek plaatsvinden om andere aandoeningen uit te sluiten.

Behandeling

Hoewel artrose niet te genezen is, zijn er veel manieren om uw klachten te verminderen. De behandeling van artrose heeft een stapsgewijze aanpak (stepped care):

Stap 1

Voorlichting

Juiste voorlichting krijgen is erg belangrijk. Als u goed op de hoogte bent van artrose, begrijpt u beter waarom u bepaalde adviezen en behandelingen krijgt.

Leefstijladviezen

Leefstijladviezen zijn tips om zelf uw klachten te verminderen en om achteruitgang van uw functioneren te voorkomen. Denkt u hierbij aan adviezen over bewegen, uw gewicht en mogelijke aanpassingen. Uw zorgverleners kunnen u deze adviezen geven. In de Zorgwijzer artrose vindt u enkele tips over leefstijl.

Paracetamol

Paracetamol is de meest gebruikte pijnstiller bij artrose. Paracetamol is een veilige pijnstiller, die – bij consequent gebruik – een goed effect geeft. Vraag uw arts welke dosering voor u geschikt is.

Glucosaminesulfaat en chondroïtinen

Glucosaminesulfaat en chondroïtinen zijn voedingssupplementen als aanvulling op het dieet. Ondanks veelvuldig onderzoek hiernaar zijn de effecten van deze twee voedingssupplementen vooralsnog onduidelijk. Glucosaminesulfaat en chondroïtinen geven mogelijk klachtenverlichting bij ongeveer vijftien tot twintig procent van de mensen met artrose.

Er zijn veel verschillende glucosaminepreparaten met verschillende hoeveelheid en zuiverheid van glucosamine erin. Als u glucosamine wilt gebruiken, kunt u voor advies terecht bij uw huisarts of behandelend reumatoloog.

Stap 2

Als de behandelingen van stap 1 niet het gewenste resultaat hebben, kunt u – in overleg met uw zorgverlener – overgaan tot stap 2. Deze stap bestaat uit verwijzing naar een fysiotherapeut of oefentherapeut, en een diëtist. Daarnaast kunt u, in overleg, andere medicijnen proberen.

Fysiotherapie of oefentherapie

De fysiotherapeut of oefentherapeut kan u begeleiden bij het bewegen. Beweging houdt uw gewrichten soepel. U traint de spieren die het gewricht stevigheid geven. Een goede spierkracht helpt overbelasting van gewrichten voorkomen.

Diëtist

De diëtist kan u begeleiden bij het afvallen. Overgewicht is een vorm van overbelasting voor de gewrichten. Het is aangetoond dat afvallen een vermindering van klachten geeft. Als u te zwaar bent, is het daarom verstandig een dieet te volgen om gewicht kwijt te raken.

Medicijnen

Als paracetamol onvoldoende resultaat geeft, kunt u ook andere medicijnen proberen. Overleg altijd met uw zorgverlener wanneer u met een bepaalde pijnstiller wilt beginnen of stoppen.

  • NSAID’s: deze groep van pijnstillers omvat bijvoorbeeld naproxen en diclofenac. Het zijn krachtige pijnstillers. Soms zijn er bijwerkingen, waaronder maagklachten. Het voordeel van deze medicijnen is dat ze ook een ontstekingsremmend effect hebben.
  • Opiaten: dit is de groep van morfineachtige medicijnen die kunnen variëren van licht (tramadol, temgesic) tot zwaar (durogesic, morfine). Deze medicijnen hebben géén ontstekingsremmend effect. Voor artrose worden deze middelen niet vaak gebruikt, omdat ze nogal wat bijwerkingen kunnen hebben. In stap 2 van de behandeling horen alleen de lichte opiaten.

Stap 3

In stap 3 kunt u een verwijzing krijgen voor een specialist, zoals een reumatoloog of orthopedisch chirurg. Daarnaast kunt u doorverwezen worden naar een multidisciplinair team.

Teamzorg

Teamzorg is een intensieve afstemming van zorg waarbij u te maken krijgt met een team van verschillende zorgverleners. U kunt hierbij denken aan een reumatoloog, orthopedisch chirurg, (gespecialiseerde) fysiotherapeut, oefentherapeut, ergotherapeut, diëtist, verpleegkundige en/of psycholoog. Deze zorg bestaat over het algemeen uit een uitgebreide groeps(oefen)behandeling en een voorlichtingsprogramma. Het leren omgaan met uw klachten staat centraal. De Sint Maartenskliniek biedt verschillende zorgprogramma’s aan voor mensen met artrose.

Injecties in de knie

Sommige mensen met artrose in het kniegewricht komen in aanmerking voor een injectie met corticosteroïden. Deze injectie werkt ontstekingsremmend en kan een tijdelijke verbetering geven.

Wat komt er na het stappenplan?

Heeft u het gehele behandelplan doorlopen, zonder het gewenste resultaat? Dan komt u mogelijk voor een operatie in aanmerking.

Een operatie kan bijvoorbeeld het plaatsen van een gewrichtsprothese zijn. De meest voorkomende protheses zijn heup- en kniegewrichten. Protheses voor andere gewrichten (schouder, elleboog, pols en enkel) bestaan wel, maar worden bij artrose veel minder toegepast. Ook het operatief corrigeren van bijvoorbeeld standsafwijkingen of bandletsels behoort tot de mogelijkheden.

Bewegen

Juist bij artrose is regelmatig bewegen belangrijk. Mensen met artrose die regelmatig bewegen hebben betere vooruitzichten dan mensen die dat niet doen. Bewegen houdt uw gewrichten soepel en zorgt ervoor dat uw spierkracht op peil blijft. Een goede spierkracht helpt overbelasting van gewrichten te voorkomen. Regelmatig bewegen is daarnaast ook goed voor uw algemene gezondheid.

U kunt op vele manieren bewegen; zelf of in groepsverband. In het algemeen zijn alle beweegvormen goed waarin veelzijdig wordt bewogen. Goede activiteiten zijn bijvoorbeeld wandelen, fietsen en activiteiten in het water. Ook golf, tai-chi of activiteiten in een fitnesscentrum zijn heel geschikt voor mensen met artrose. Vraag uw fysiotherapeut of oefentherapeut advies hierover.

Kies met de Reumabeweegwijzer van het Reumafonds een beweegactiviteit bij u in de buurt!

Patiëntenvereniging

In Nijmegen en omgeving kunt u met artrose terecht bij de Reumapatiëntenvereniging (RPV) Nijmegen e.o.. De RPV Nijmegen zet zich in voor patiënten met artrose en andere vormen van reuma.

Informatietelefoon:   (06) 23 23 51 78
E-mail:                          secretariaat@reumanijmegen.nl
Website:                       www.reumanijmegen.nl

5. Artritis

Patiënt

Reumatoïde artritis (RA) is een chronische aandoening met als belangrijkste kenmerk ontstekingen van de gewrichten. Zo’n ontsteking ontstaat doordat het eigen afweersysteem de gewrichten aanvalt.

Reumatoïde artritis kan sluipend beginnen of plotseling ontstaan. Het is een chronische ziekte met een grillig verloop. Het is de meest voorkomende reumatische ontstekingsziekte en komt voor bij ongeveer één procent van de Nederlandse bevolking (meer bij vrouwen dan bij mannen). Het is een zogeheten auto-immuunziekte.

Oorzaak

De precieze oorzaak van RA is niet bekend. Wel is duidelijk dat het afweersysteem hierbij een belangrijke rol speelt. Deze wordt ontregeld en gaat gezonde, lichaamseigen weefsels als lichaamsvreemd zien. Daarom wordt RA ook wel een auto-immuunziekte genoemd. Er kunnen een aantal factoren een rol spelen bij het ontstaan van reumatoïde artritis:

Genetische aanleg

Bij patiënten met een bepaalde genetische aanleg (HLA-type van de zogenaamde shared epitope hypothese) komt RA duidelijk vaker voor en verloopt RA ook ernstiger.

Roken

Bij rokers komt RA meer voor. Vooral bij mensen die ook een genetische aanleg hebben. Roken geeft een ernstiger verloop van de RA en ook meer kans op andere klachten (bijvoorbeeld reumabulten). Stoppen met roken heeft een gunstig effect op het verloop van RA.

Symptomen

De belangrijkste symptomen zijn pijn, zwelling en stijfheid in de gewrichten. Deze symptomen maken bewegen moeilijk. Vooral ochtendstijfheid is kenmerkend voor RA.

Hoewel de ontsteking alle gewrichten kan treffen, worden meestal eerst de kleine gewrichtjes van de handen, polsen en voeten aangetast, vervolgens de knieën en de grotere gewrichten van de armen. Uiteindelijk kan bijna ieder gewricht meedoen.

De ontsteking is meestal symmetrisch. Dat wil zeggen, dat de gewrichten aan beide kanten van het lichaam tegelijkertijd ontstoken zijn. Op den duur kunnen onderhuids de karakteristieke ‘reumaknobbels’ ontstaan, vooral in de handen en de ellebogen.

Vermoeidheid is een andere klacht van veel mensen met reumatoïde artritis. Ook kan het lijken dat u een griep onder de leden heeft met lichte koorts en weinig eetlust.

Diagnose

De diagnose reumatoïde artritis is niet altijd even makkelijk te stellen. De ziekte begint vaak sluipend, zodat het onduidelijk is dat het om RA gaat. De reumatoloog stelt de diagnose in eerste instantie vast op grond van het typische klachtenpatroon en het verhaal van de patiënt. Aanvullend wordt er bloedonderzoek gedaan om de diagnose te ondersteunen en te bevestigen en het verloop van de ziekte te volgen. Ook kunnen er röntgenfoto’s gemaakt worden om te zien of er schade is ontstaan aan gewrichten.

Behandeling

Blijvende genezing van reumatoïde artritis is tot op heden helaas niet mogelijk. Het doel van het behandelen van RA is om het immuunsysteem zo te remmen dat de gewrichtsontsteking stopt, zonder dat de weerstand tegen ziekteverwekkers afneemt.

Het gebruik van medicijnen staat centraal bij de behandeling van RA. Welk medicijn het beste werkt, hangt van de klachten af en verschilt meestal per persoon.

Er zijn verschillende soorten medicijnen tegen RA:

Eenvoudige pijnstillers: Omdat de belangrijkste klacht van RA pijn is, spelen pijnstillers een belangrijke rol bij de behandeling van klachten. In eerste instantie zal de reumatoloog paracetamol adviseren. Paracetamol geeft bijna nooit bijwerkingen en is gewoon bij de drogist te krijgen. Het gebruik van zes tabletten van 500mg paracetamol per dag is een veilige dosis.

Ontstekingsremmende pijnstillers: Ontstekingsremmende pijnstillers worden ook wel NSAID’s (non-steroidal anti-inflammatory drugs) genoemd. Als eenvoudige pijnstillers onvoldoende werken kan de arts deze voorschrijven. NSAID’s verlichten pijn, stijfheid, koorts en ontstekingen. Bijwerkingen van NSAID’s zijn maag- en darmklachten. Hiervoor kan de arts een maagbeschermer voorschrijven. De NSAID’s zijn op recept verkrijgbaar bij de apotheek. In een lage dosering zijn ze ook bij de drogist verkrijgbaar. De NSAID’s kunnen wisselwerkingen hebben met andere medicatie. Het is verstandig een controle te laten uitvoeren of een NSAID in combinatie met andere medicatie gebruikt kan worden.

Reumaremmers: Naast de ontstekingsremmende pijnstillers zijn er zogeheten reumaremmers. Om gewrichtsschade zoveel mogelijk te voorkomen, is het verstandig om snel met reumaremmers te beginnen. Deze reumaremmers worden DMARD’s (disease modifying anti rheumatic drugs) genoemd. Het kan soms enkele weken tot maanden duren voordat de DMARD’s effect hebben. Reumatologen kunnen ook een combinatie van reumaremmers geven. Door de ontsteking op verschillende manieren te bestrijden, kunnen medicijnen effectiever zijn.

Biologicals: Bij reumatoïde artritis werken sommige van de afweercellen niet goed of zijn het er te veel. Biologicals zijn, net als andere DMARD’s, medicijnen die deze afweercellen remmen, waardoor de ontstekingen tot rust komen. Ze kunnen alleen per infuus of als onderhuidse injectie worden toegediend en werken vaak al binnen enkele dagen tot weken. Biologicals zijn niet effectiever dan de klassieke reumaremmers en bovendien erg kostbaar. Biologicals worden dan ook niet meteen voorgeschreven. Pas als er een aantal klassieke DMARD’s zijn geprobeerd en deze te weinig effect hebben, kan gekeken worden of een biological een optie is.

Verschillende behandelaars

Binnen de behandeling van reumatoïde artritis kunnen patiënten in aanraking komen met verschillende zorgverleners. Naast medicijnen spelen andere behandelingen een belangrijke rol. Mensen met RA hebben vaak begeleiding nodig van een fysiotherapeut voor het behoud van soepele gewrichten en een goede lichamelijke conditie. Maar denk bijvoorbeeld ook aan een podotherapeut of reumaconsulent. Waar kunnen patiënten terecht voor welke behandeling en welke vragen?

Reumatoloog: De reumatoloog is gespecialiseerd in reumatische aandoeningen. De behandeling bestaat voornamelijk uit het voorschrijven van medicijnen. Ook verwijst de reumatoloog patiënten door naar andere zorgverleners.

Reumaconsulent: De reumaconsulent geeft advies, uitleg en voorlichting over RA en de mogelijke gevolgen hiervan. Denk hierbij aan informatie over medicijnen en het (leren) omgaan met reumatoïde artritis.

Fysiotherapeut/oefentherapeut: De fysio- of oefentherapeut werkt aan het verbeteren van de houding en beweging van de patiënt. De therapeut leert houdingen aan waardoor spieren en gewrichten weer beter gaan functioneren. De fysio- of oefentherapeut geeft voorlichting en oefeningen die de houding en bewegingsgewoontes corrigeren en optimaliseren.

Ergotherapeut: Een ergotherapeut geeft praktische tips waarmee dagelijkse activiteiten het beste uit te voeren zijn. Daarnaast weet de ergotherapeut veel over hulpmiddelen en aanpassingen in de woning.

Podotherapeut: Door ontstekingen en/of vergroeiingen in de voeten kunnen mensen met RA veel last hebben van pijnlijke voeten. Een podotherapeut kan advies geven of een behandeling starten om dit te voorkomen of om te zorgen dat bepaalde plekken minder belast raken.

Bewegen

Reumatoïde artritis kent een wisselend verloop. Wanneer een periode van meer klachten optreedt, is het voor patiënten van belang in beweging te blijven. Beweging houdt de gewrichten soepel en maakt botten en spieren sterk.

Het is verstandig bij beweging niet over grenzen heen te gaan. Als de ziekte rustig is, kan er meer ondernomen worden dan wanneer de ziekte actief is. Een fysio- en/of oefentherapeut kan een advies geven over geschikte oefeningen en bewegingsvormen. Er zijn vele mogelijkheden: individueel, groepstherapie, medisch fitness en aangepast sporten.

Sporten die het meest geschikt zijn: wandelen, zwemmen, fietsen en fitness. Hierbij hoeven gewrichten geen grote schokken op te vangen. Zwemmen en oefenen in verwarmd water is een goede manier van bewegen. Bij fietsen kunnen gewrichten beschermd worden door de versnelling lichter te zetten en rechtop te zitten.

Kies met de Reumabeweegwijzer van het Reumafonds een beweegactiviteit bij u in de buurt!